gouden-trouwringen3

Samenwonen of trouwen

Pastorale notitie. Gepubliceerd door de Algemene Kerkenraad in Rondom het Woord 21-03-2009

Pastoraal beleid rond samenwonen en kerkelijke huwelijksinzegening

De kerkenraad is blij dat (jonge) mensen voor de weg van het huwelijk kiezen en daarbij aangeven dat ze Gods zegen over hun huwelijk in een kerkdienst van belang vinden. Gelukkig wordt deze weg door meerderen gekozen. Soms gebeurt dat echter terwijl men reeds een periode samenwoont. In dit schrijven wil de Algemene Kerkenraad zijn beleid hieromtrent naar u als gemeente toe formuleren.

De praktijk van samenwonen in onze samenleving is steeds meer een voluit geaccepteerde zaak. Ook in christelijke kring dringt deze praktijk steeds meer door. Toch heeft de kerkenraad vanuit bijbels oogpunt hiertegen gegronde bezwaren en wel om de volgende redenen.

1. Wie gaan samenwonen, leggen zich niet vast. Ze maken vaak wel bepaalde, welmenende afspraken, maar beloven elkaar daarmee nog niet publiekelijk trouw. De reden is doorgaans dat ze over de toekomst van de relatie geen echte duidelijkheid willen geven. In sommige gevallen komt het ook voor dat men niet goed op de hoogte is van het beslissende verschil tussen huwen en samenwonen.
Wie trouwt, verbindt zich echter in een publieke belofte van trouw levenslang aan de ander. In de Bijbel is het huwelijk een verbond voor het leven, want je belooft elkaar trouw totdat de dood scheiding maakt. We zien dat al aan het begin van de Bijbel, in Genesis 2: 22-25. De eerste mens Adam komt in een uniek verbond met de eerste vrouw, Eva. Vers 24 geeft het beslissende aan: de mens zal zijn vader en moeder verlaten om voortaan aan zijn vrouw verbonden te zijn. De eenheid is zo sterk dat er gesproken wordt van: 'tot één vlees zijn'. In het Nieuwe Testament wijzen we op Éfeze 5: 22-33, waar de unieke relatie tussen man en vrouw aan de orde komt en zelfs als een afspiegeling van de verhouding tussen Christus en Zijn gemeente wordt beschouwd.

2. Binnen deze levenslange verbondsrelatie van liefde en trouw heeft de seksualiteit een veilige plaats. Deze beschermde plaats heeft de seksualiteit bij samenwonen niet, want er bestaat dus de mogelijkheid dat de relatie na verloop van tijd wordt ontbonden. Ook hier kunnen we verwijzen naar Genesis 2: 22-25. Eerst dient de man zijn ouders te verlaten om vanaf dan verder te leven met zijn vrouw in de unieke relatie van het huwelijk. Eerst lezen we als een omschrijving van het huwelijk het woord 'aankleven' en pas dan is er sprake van 'tot één vlees zijn', waarbij ook de seksualiteit een plaats heeft.
In het Nieuwe Testament geeft 1 Korinthe 7: 2, 8,9 aan dat geslachtsgemeenschap en huwelijk onlosmakelijk met elkaar samenhangen. Bovendien wijst de Heere Jezus de Samaritaanse vrouw in Johannes 4:18 er duidelijk op dat de man met wie ze samenwoont, haar eigenlijke man niet is. Dat betekent ontdekking van zonde in haar leven.

3. In de Bijbel is het huwelijk geen onderonsje, een privé-zaak, zoals bij samenwonen doorgaans het geval is. Trouwen is een zaak van de gemeenschap.
In het Oude Testament zelfs een zaak van de dorpsgemeenschap. In elk geval een publieke aangelegenheid, want het huwelijk wordt gesloten temidden van familie, vrienden en bekenden.
Duidelijk zien we dit in Ruth 4: 7-10, waar niet alleen familie en bekenden, maar ook de dorpsgemeenschap erbij betrokken is, met de overheid (oudsten in de poort). Het verloop is: het werven de bruid, elkaar aannemen; beloften en plichten voor God en de mensen; daarna de bruiloft.
Aan het eind van de eerste dag komen we dan de officiële en plechtige 'overgave' van de bruid aan haar bruidegom tegen en daarna de eenheid van het huwelijksleven.
In het Nieuwe Testament stuiten we op het eerste teken van Jezus: op een bruiloft. Ook daar is de huwelijksvoltrekking en de bruiloft een publieke zaak en Jezus heeft Zich daarbij willen voegen.
Dit is een greep uit de bijbelse gegevens die helder maken dat het huwelijk de unieke samenlevingsvorm tussen man en vrouw is. Samenwonen is ten diepste vrucht van de ontwikkeling van onze moderne samenleving, waarin een niet-bijbelse visie op seksualiteit de doorslag geeft. Bovendien weerspiegelt deze praktijk het individualisme dat geen of te weinig zicht heeft op de gemeenschap waarin men is geplaatst.

In het licht van bovenstaande bijbelse lijnen wil de kerkenraad een weg gaan met jonge mensen die hun huwelijk na een periode van samenwonen kerkelijk willen laten inzegenen. Ambtsdragers kennen het verlangen om (jonge) mensen de weg van het Woord te wijzen en hen tot die weg terug te roepen.
Dat kan alleen op de goede wijze in liefdevolle bewogenheid. Er heerst in onze tijd verwarring op het gebied van relaties en het kan moeilijk zijn voor kerkelijke jongeren om daarin het spoor van Gods wil te vinden, zeker als ze vanuit achtergronden komen waar anderen ook voor samenwonen hebben gekozen. Tegelijk is een kerkenraad in geloof en liefde geroepen om het goede gebod van de HEERE hoog te houden, want alleen in die weg mogen we zegen vragen en zegen verwachten.

Praktisch betekent dit het volgende:

1. In een pastorale ontmoeting met een vertegenwoordiging van de wijkkerkenraad waaronder de aanvraag voor de huwelijksinzegening valt, zal worden geluisterd naar de levensgang en de achtergronden van de aanvragers en vanuit bijbels perspectief worden aangegeven dat de praktijk van samenwonen zonde is voor God.
Wanneer een stel deze pastorale leiding hartelijk aanvaardt en inziet dat de toe dan toe afgelegde weg verkeerd is geweest, zal een nieuwe pastorale ontmoeting worden afgesproken met een vertegenwoordiging van de wijkkerkenraad waaronder de aanvraag voor de huwelijksinzegening valt.
In het pastorale gesprek zal voor Gods aangezicht schuldbelijdenis worden gedaan, waarna Gods belofte van vergeving en vernieuwing wordt uitgesproken.

2. Op deze wijze komt er ruimte voor de kerkelijke bevestiging en inzegening van het huwelijk na samenwonen.

3. Wie een aanvraag tot bevestiging en inzegening van het huwelijk na samenwonen indient, maar niet wil inzien dat de tot dan toe afgelegde levensgang tegen Gods bedoeling ingaat, en de weg van een tijdelijk uiteengaan dan ook niet wenst te bewandelen, kan in onze gemeente niet kerkelijk trouwen. Natuurlijk hoopt de kerkenraad dat men tot een ander inzicht komt.

Met dit schrijven aan u wil de Algemene Kerkenraad nog eens de unieke waarde van het huwelijk onder de aandacht brengen, hoezeer ook daar gebrokenheid en schuld naar voren kunnen komen. Eerlijk wordt eveneens erkend dat (jonge) stellen in hun verkeringstijd op seksueel terrein bijbelse grenzen kunnen overschrijden. Daarover laten het Woord en de prediking evengoed ontdekkend licht vallen.
Wat zich echter in het midden van de gemeente op allerlei terrein aan de openbaarheid onttrekt, is alleen bij God bekend en kan daarom niet door een kerkenraad worden gewogen.
Ondanks deze kanttekening wil de kerkenraad met name onderstrepen dat de Bijbel slechts de weg van het huwelijk wijst voor een duurzaam samenleven tussen man en vrouw en dat we alleen daarover Gods zegen mogen verwachten.
Bovendien is het goed om in een tijd waarin de praktijk van samenwonen steeds meer gemeengoed is geworden aan u als gemeente duidelijk te maken welke weg de Algemene Kerkenraad principieel en pastoraal wil gaan.