Avonmaalstelw

Onderweg naar de Bediening en viering van het Heilig Avondmaal - Zondag 17 februari

Johannes 10: 9, 10a, 11, 27 en 28.
9 Ik ben de Deur; als iemand door Mij naar binnen gaat, zal hij behouden worden; en hij zal ingaan en uitgaan en weide vinden.
10 (...) Ik ben gekomen, opdat zij leven hebben en overvloed hebben.
11 Ik ben de goede Herder; de goede herder geeft zijn leven voor de schapen.
27 Mijn schapen horen Mijn stem en Ik ken ze en zij volgen Mij.
28 En Ik geef hun eeuwig leven; en zij zullen beslist niet verloren gaan in eeuwigheid en niemand zal ze uit Mijn hand rukken.

SURSUM CORDA = de harten omhoog!

De Heere Jezus besloot Zijn koningschap af te leggen om herder te worden. Hij nam zelfs de houding van een slaaf aan. Waarom? Omdat Hij bewogen was met schapen. Die schapen had Hij lief. Om achter Zijn schapen aan te gaan, moest Christus door doornen heen. Kijk eens goed naar de wonden in Zijn handen. Zoveel had Hij ervoor over om Zijn schapen te redden.
Het is bekend van deze Herder, dat het pad wat Hij kiest smal is. De weg weet Hij alleen en Hij gaat voorop. Wij weten de weg helemaal niet, maar het einddoel weten wij wel, dat is het Vaderhuis. Maar voor de rest moet ik stap voor stap Hem volgen. Als een schaap dat onbedacht zijn Herder heeft verloren. Als een schaap dat op Hem vertrouwt en in Hem geloofd.

GEBED

O, almachtige, eeuwige God, U die alle verborgenheden doorziet, ik belijd, dat ik onwaardig ben mijn ogen op te slaan om Uw goddelijke zuiverheid te beschouwen.
O, allergenadigste Heere, ik val in ootmoed ter aarde neer voor Uw hoge Majesteit en begeer van ganser harte dat U genadig op mij wilt neerzien en dat U zich over mij ontfermen zal. Maak rein wat bevlekt is. Maak gezond wat verwond is. Maak recht wat niet in orde is. Richt op wat terneergeslagen is.
Maak sterk wat ziek is. Ontbind wat gebonden is. Laat vrij wat schuldig is. Maak rijk wat arm is. Spijzig wat hongerig is. Geef drinken wat dorstig is. Goedertieren Jezus, verwerp mij niet vanwege mijn gebreken.
In het laatste Avondmaal hebt U uit onbegrijpelijke liefde Uw discipelen Uw heilig lichaam gegeven tot een spijs en Uw dierbaar bloed tot een drank en U hebt met grote begeerte begeerd dat heerlijke gastmaal met hen te houden. Goedertieren Heere Jezus, hopende en vertrouwende op Uw genade, zo begeer ik het levende Brood dat zelf bent. Amen

Suster Bertken, Berta Jacobsdochter, bekend als Suster Bertken (Utrecht, 1426 of 1427 – aldaar, 25 juni 1514), was een Nederlandse dichteres.