Zondag 1 juli gevouwen-handen

Voorbede gevraagd voor de voortgang van het Evangelie, mede met het oog op het komende evangelisatiewerk deze zomer. 
'Het heeft de Heere God behaagd om ons gebed vooraf te laten gaan aan Zijn schenken van ontferming; en het behaagt Hem om ons genadegaven te schenken in antwoord op ons gebed. Het gebed is dus ingesteld als een kanaal waardoor Hij Zijn stroom van zegen aan ons doet toevloeien. Zo schakelt God ons actief in en worden wij betrokken in de uitvoering van Zijn wil. Het einddoel staat vast: Hij wil Zijn zegen rijk schenken en ons gebed is het kanaal waarlangs Hij dat doet. Wij bidden niet om Gods wil te veranderen; wij bidden, om door Hem gebruikt te worden, actief ingeschakeld te zijn in de uitwerking van Zijn heerlijke wil'.

Jonathan Edwards. geb. East Windsor [Connecticut], 5 oktober 1703 - overl. Princeton [New Jersey], 22 maart 1758. Hij was een Amerikaanse theoloog en zendeling bij de Indianen. Hij heeft een brede invloed gehad. Hij wordt vaak in verband gebracht met zijn opkomen voor de Calvinistische theologie en zijn Puriteinse nalatenschap.

In alle kerkdiensten in onze Hervormde gemeente staat de verkondiging van het Evangelie centraal. Hierin wordt gedegen uitleg gegeven over de Bijbel, met als centrale thema het verlossingswerk van de Heere Jezus Christus. Als u of jij op zondag nader kennis wilt maken met de gemeente bent u hartelijk welkom.
Het evangelisatiewerk krijgt ook nader gestalte in het werk, wat de komende twee maanden op diverse terreinen in onze gemeente wordt gedaan. Evangelisatiewerk op de campings, met en voor onze jeugd in de Witte Tent, etc.
Als we geloven, hebben we van onze God een opdracht gekregen die we graag en met liefde doen. Niet uit onszelf, maar uit de kracht van Zijn liefde. Deze opdracht staat o.a. in Mattheüs 28 vers 19 en 20: 'Ga dan heen, onderwijs al de volken, hen dopend in de Naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest, hun lerend alles wat Ik u geboden heb, in acht te nemen. En zie, Ik ben met u al de dagen, tot de voleinding van de wereld. Amen'.

Als Jezus in de hemel is, verbreekt Hij dan niet Zijn belofte uit vers 20? Nee, want Hij blijft ook hier op aarde bij ons. niet lichamelijk, maar door de heilige Geest. we mogen dat vooral in de kerkdienst ervaren. Waar Zijn Woord wordt verkondigd, woont Jezus door Zijn Geest bij ons. Wat een Majesteit!
Zijn christenen nog blij over de voortgang van het Evangelie? Ja, dat is vaak het geval, als ze horen over bijvoorbeeld Egypte, China, Afrika, of Oost-Europa. Maar is er ook bewogenheid als sommige evangelisatie-posten in grote steden in ons land weinig effect lijken te hebben? En hoe is dat in eigen omgeving?
Een belangrijk aspect in de Vroege Kerk is de vreugde die zichtbaar en hoorbaar wordt over de voortgang van de verkondiging van het Evangelie. Al tijdens het aardse leven van de Heere Jezus is er blijdschap bij de discipelen als zij het Evangelie verkondigen en dat vrucht blijkt te dragen. Lees bijv. Lukas 10:1-20, als de Heere Jezus er 70 uitzendt, twee aan twee, naar de plaatsen waar Hij komen zou. Dat krijgt in de tijd na Pinksteren nog meer accent. Telkens weer lezen we dat apostelen zich verblijden in de voortgang van de prediking van het Woord. En Paulus? Over de volle, zuivere prediking van Christus verblijdt hij zich uiteraard nog veel meer. Zo noemt hij enkele van de door hem gestichte gemeenten met nadruk 'mijn blijdschap en kroon' (Filippenzen 4:1). 'Want wat is onze hoop of blijdschap of erekroon? Bent ook u dat niet voor het aangezicht van onze Heere Jezus Christus bij Zijn komst? U bent immers onze heerlijkheid en blijdschap'. (1 Thessalonicenzen 2:19). Hiermee brengt Paulus uiteraard zijn gevoelens van liefde en dankbaarheid onder woorden voor wat er in de desbetreffende gemeenten onder de prediking van het Evangelie gebeurd is.
Het centrale punt is duidelijk: de prediking van het Evangelie gaat voort. Dat is een teken dat de grote dag nadert en wij verheugen ons daarover en zien naar die dag uit.